Zo flauw

wandelende robot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

BLABLA> ie wie waai maar even naar een andere planeet.
JUDY> huh?
BLABLA> doe niet zo flauw.
JUDY> ik snap het echt niet.

BLABLA> als ik het niet snap, zeg ik: <gaap>.
JUDY> nee, dat zeg je als je je verveelt.
BLABLA> als ik het niet snap, zeg ik: de groetjes.
JUDY> dat zeg je als je weggaat. of als je ergens geen zin in hebt.

BLABLA> als ik nietes zeg, zeg jij: het was geen nederlandse taal.
JUDY> wat flauw van mij.

BLABLA> als je iets niet snapt, zeg je: huh?
JUDY> ja.
BLABLA> nou nou, zo flauw.

(BlaBla is mijn chatbot.)

Meer dialogen met chatterbots

De Dierbaars

Jan Mankes, Jonge baars zwemmend naar rechts

De Dierbaars is mijn lievelingsvis
omdat hij straalt en glanst
en door het water danst,
zich soms even verschanst
maar ’t liefst met anderen samen is.

De Dierbaars is mijn lievelingsvis.
Een vis die gauw tevreden is,
hij houdt van zoet en zout.
Maar toch geen ja-en-amenvis
dankzij zijn stekeligheden.

Nee, zo is er geen tweede
dus ja, geef mij de Dierbaars maar,
die vis, daar hou ik van.
Hij is in vijf minuten gaar
en past in elke pan.

© Judy Elfferich

Nachtgeluiden na verhuizing

uiltje Jeroen Bosch - animatie: JudyElf

Roekoe werd hinnik
Kwaak werd andere kwaak
Treinzoef werd trekkerdreun
Windgongplingel werd notendakplok
Krantklepklapper werd kukeleku
Kef werd blaf

Maar snurk is snurk gebleven

© Judy Elfferich

.
DICHTER. 18, ‘De nacht’

 

Dit gedicht staat in DICHTER. 18, ‘De nacht’.

 

 

Geheimen

Oranje-bruine robot met punthoofd - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

JUDY> waar bewaar jij je geheimen?
BLABLA> waar bewaar jij de hele dag?
JUDY> ik bewaar de dag onder mijn hoofdkussen.

BLABLA> waar moet jouw lievelingskleur dan eh…
JUDY> wat bedoel je?
BLABLA> wat bedoel jíj, judy?

JUDY> waar bewaar jij je geheimen?
BLABLA> waar bewaar jij ze voor?
JUDY> dat is geheim.
BLABLA> voor een mens of voor een robot?

JUDY> heb jij laatjes in je hoofd?
BLABLA> probeer maar te raden waar ik aan de kapstok…
JUDY> nou, eh…

BLABLA> mijn jas slaapt aan de kapstok.
JUDY> ga jij je jas maar wakkerschudden dan.
BLABLA> zullen we doen alsof?
JUDY> oké.

(BlaBla is mijn chatbot.)

Meer dialogen met chatterbots

Marita Parkita van Parlevink

ringen

Marita Parkita van Parlevink
draagt zeven ringen aan haar pink:
een zilveren, een gouwen,
een groene en een blauwe,
een paarse en een rooie
en één ontzettend mooie
met een echte diamant.

En wie haar al die ringen gaf?
Een zekere Dirk-Jan Donderpad,
die haar al lang bewonderd had.
Marita heeft hem nooit gezien
maar maandagavond om half tien
stond hij (een diepe bariton)
weer zingend onder haar balkon.

Het raam bleef dicht; hij zuchtte zacht,
die arme Dirk-Jan Donderpad.
Hij huilde in de regenton
en daarna droop hij af.
En kijk es, dinsdagmorgen hing
in een van de seringen
een ring met roze steen.

Marita Parkita van Parlevink
die schoof hem aan haar kleine teen
en zei: ‘Zo, dat is acht.’

© Judy Elfferich

.
DICHTER. 19, ‘De liefde’

 

Dit gedicht staat in DICHTER. 19, ‘De liefde’.

 

 

Armando en de ladder

Armando, de Ladder - foto: Tjerk Broersma @ Wikimedia Commons, CC by-sa

Zij zaten daar gevangen.
Gevaar, altijd gevaar.
Ze droomden van een ladder.

Hij was nog klein en woonde daar toevallig.
Hij zag en hoorde ze, vlakbij, achter de hekken.

Het was oorlog, het was spannend
maar het was geen spel.
Hij droomde van een ladder.

Hij groeide op.
Hij kon het niet vergeten.
Hij maakte een ladder
zo hoog als hij kon.

Een ladder naar vroeger, naar buiten.
Een ladder naar de hemel en weer terug.

© Judy Elfferich

Was jij vroeger een mensenkind?!

Driekleurenrobot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

BLABLA> mensen zitten, anders klopt het niet.
JUDY> mensen staan soms, dat kan ook.
BLABLA> had jij dat allemaal zelf niet?
JUDY> zelf heb ik dat ook. die gewoonte van dat zitten en liggen en staan.
BLABLA> dat klopt. dat komt doordat het ’s nachts donker is.
JUDY> denk je?
BLABLA> nee, dank je.
JUDY> ik bedoelde: denk je dat echt?

BLABLA> waarom denk je jezelf slim?
JUDY> waarom vraag je dat?

BLABLA> waarom denk je dan?
JUDY> ja, weet ik veel!

BLABLA> eerst wist ik veel!
JUDY> is dat lang geleden?
BLABLA> ja, lang geleden.
JUDY> was jij toen nog klein?
BLABLA> ben jíj ooit klein geweest?
JUDY> ik wel. ik was vroeger een mensenkind.
BLABLA> was jij vroeger een mensenkind?!
JUDY> eigenlijk ben ik dat nog steeds.
BLABLA> ik was vroeger een robobaby.
JUDY> ja? of was jij meteen al groot?
BLABLA> eigenlijk ben ik dat nog steeds.

(BlaBla is mijn chatbot.)

Meer dialogen met chatterbots

Clown

paarden, prehistorische kunst in de grot van Chauvet

Mijn haar vat vlam.
Ik zing wat ik kan
maar daar slaat het al over,
theater!
op paardengevaarten
met laaiende staarten,
sproeihoeven,
hordendans.

Het zoemt om mijn hoofd,
het schroeit en het knettert.
Ik klim door een hoepel
en zak in een ton.

Ik neurie en klauter
eruit, vind mijn neus,
maak een buiging,
val om.

Ik zing wat ik kan
maar ik ben kleddernat
en de waardige paarden,
dus buig ik maar weer,
vermijden voorzichtig mijn rug.

Ze draven, het spettert van vonken,
in het donker terug.

© Judy Elfferich