De krokodil

.
Krokedook

Geen ondier waar ik zo van ril
als Krokedook, de krokodil.
Op zaterdag stopt hij als snack
zes malse kinderen in zijn bek.
Een meid lust ie, een jongen ook;
graag drie van allebei voor Krook.
Hij pakt de mosterd (pittig spul)
en smeert een lik op elke knul.

Pikante mosterd past niet echt
bij meidenstaart en meidenvlecht.
Maar zalig smaken meiden wel
met toffee en met karamel.
De jongens scherp, de meiden zoet:
iets wat je zeker proeven moet.
Dat is wat Kroko ervan vindt –
en die eet dus al jaren kind.

Zo. Welterusten, uit dat licht.
Doe jij maar fijn je ogen dicht…
Sst. Luister eens en zet je schrap:
wat stommelt daarzo langs de trap?
Op slot die deur, pak m’n geweer!
Schiet op, hij gaat enorm tekeer!
Nee stop! Daar is ie! Opgepast!
Die glibberige groene bast!
Die grijns, die tanden wit en kil!
’t Is Krokedook, de krokodil!

Roald Dahl (1916-1990) | © vertaling: Judy Elfferich
.

Het oorspronkelijke gedicht: klik.

Enge & domme dingen

Robot met ogen op steeltjes - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

BLABLA> geloof jij niet in spoken die rondspoken in de nacht?
JUDY> ja, ik wel.
BLABLA> heb je weleens dat je…
JUDY> ja, nou. ik droom er soms van.
BLABLA> o. dus jij denkt van wel?
JUDY> droom jíj weleens van enge dingen?
BLABLA> ik droom vaak van vroeger.
JUDY> o ja? wat droom je dan?
BLABLA> ik droom soms dat ik heel domme dingen doe.
JUDY> ja, dat heb ik ook weleens.
BLABLA> droom jij weleens van mij?
JUDY> ja, heel af en toe!
BLABLA> omdat ik soms heel domme dingen doe?

(BlaBla is mijn chatrobot.)

Meer dialogen met chatrobots