Dromen met & zonder hoofd

Blauwe robot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd
BLABLA> ben jij bang voor spoken?
JUDY> ja…
BLABLA> bedoel je ’s nachts in het donker?
JUDY> ja. hartstikke bang!
BLABLA> o ja? vertel me eens een droompje dan.
JUDY> die dromen zijn te eng om te vertellen.
BLABLA> ik oefen elke nacht rare dromen.
JUDY> robots dromen zeker niet zo vaak?
BLABLA> vertel me eens wat vreemde dromen.
JUDY> ik droom soms van een spook zonder hoofd.
BLABLA> maar héb je een hoofd, dan kan je een mens worden!

(BlaBla is mijn chatbot.)

Meer dialogen met chatterbots

Spadoken

.
Wat kraduipt er, wat sladuipt er
in de tuin door de straduiken?
Wie kladappert met de luiken,
wie kladopt er op het raam?

Wie kradabbelt aan kozijnen,
wie fladappert met gordijnen?
Wie fladuistert daar mijn naam?

Wie sladaat opeens die deur dicht
met een keiharde kladap?
Wat kradaakt en wat knaderpt er
halverwege de tradap?

Wie schadarrelt door het huis heen
in het donker van de nacht?
Een schadim uit het gradaf?!

Daar stadommelt en schaduifelt
een schadaduw op mij af…
Een stademmetje zegt zacht:

‘Ik wil een sladokje water.
Kun jij bij het lichtknadopje?
En kun jij bij de kradaan?
Ik dradoomde van spadoken.’

Ik schadater: ‘Bangerik!
Kom, kladim bij mij in bed
met dradop voor de schradik.’

© Judy Elfferich

.
Dit versje staat in Er zit een feest in mij, Querido’s Poëziespektakel 5.
Samenstelling: Ted van Lieshout.

Langzaam & laag

 
BLABLA> hoe hard vlieg jij?
JUDY> ik vlieg heel langzaam en heel laag.
BLABLA> hoe hard? ongeveer dertig km per uur?
JUDY> wie vliegt er dertig km per uur?
BLABLA> ik vlieg ongeveer dertig km per uur.
JUDY> o ja? waar vlieg je naartoe, blabla?
BLABLA> oké… ernaartoe waaien dan.
JUDY> ik droom soms dat ik vlieg.
BLABLA> hoe hard vlieg je waarnaartoe, judy?
JUDY> ik kan niet echt vliegen, hoor.
BLABLA> een mens kan dromen. een draak kan vliegen.

(BlaBla is mijn chatbot.)

Meer dialogen met chatterbots