Plantaardige dingen

Grijze robot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

JUDY> wat was ook al weer een peer?
BLABLA> een boom is een groot plantaardig ding.
JUDY> een peer is een klein plantaardig ding.
BLABLA> een boom is een groot plantaardig ding.

JUDY> wat groeit er aan een perenboom?
BLABLA> een appel groeit aan een appelboom.
JUDY> aha! en aan wat voor boom groeit een peer?
BLABLA> is dat een raadsel of een mop?!

JUDY> groeien er appels aan een perenboom?
BLABLA> nee, een haring is een vis.
JUDY> ja, een haring is een vis.

BLABLA> een peer is een stukje fruit.
JUDY> een peer is een stukje fruit, een appel ook.
BLABLA> de mensen zoeken het zelf maar uit. een vrucht komt van een boom.

(BlaBla is mijn chatbot.)

Meer dialogen met chatterbots

Man zonder hond

kwijt, illustratie © Kees de Kort (fragment)
fragment illustratie DICHTER. 13 | © Kees de Kort

Bij de vijver in ’t park zie ik iedere keer
die ene meneer.
Gejaagd loopt hij rond en als ik naar hem kijk
komt hij naar me toe.

Dan aait hij Baloe:
‘Ben jij soms mijn hond? Was ik jou misschien kwijt?’

Vandaag in het bos loopt Baloe lekker los,
daar hoor ik geroep.
Diezelfde meneer: ‘Sammy! Boef! Bella! Beer!’
Baloe kijkt niet op.

‘Waar is het asiel? Ben ik daar al geweest?’
En weg is hij weer.

© Judy Elfferich
.
DICHTER. 13, ‘Te leven en dat leven te vergeten’

 

Dit gedicht staat in DICHTER.13, ‘Te leven en dat leven te vergeten’.

 

 

Vikingliedje

Yggdrasil

’s Avonds als ik slapen ga
tel ik de negen werelden na.

Een van de mensen, twee van de goden,
een van de reuzen en een van het vuur,
een van de elfen en een van de mist,
een van de dwergen, een van de doden.

Als het avond wordt en stil,
als het ijzig wordt en kil
denk ik aan de wereldboom
Yggdrasil.

Alles, alles wat er is
groeide uit het grote niks
waar ik in val als ik slaap:
Ginnunga-gaap.

© Judy Elfferich

De inktvis

Inktvis-zelfportret - foto: Arne Hendriks @ Flickr, CC by (bewerkt door JudyElf)

Op sterren mikt hij met zijn inkt,
uit wat hem lief is zuigt hij bloed
dat hij verrukt en gretig drinkt:
ikzelf ben ’t gedrocht dat zo doet.

Guillaume Apollinaire (1880-1918) | © vertaling: Judy Elfferich
.

Het oorspronkelijke gedicht:
.

LE POULPE

Jetant son encre vers les cieux,
Suçant le sang de ce qu’il aime
Et le trouvant délicieux,
Ce monstre inhumain, c’est moi-même.

De Stapelgekko

Stapelgekko door JudyElf, CC by-nc-sa

Dit dier is dol op oud papier.
Hij wordt niet vaak gezien
maar af en toe gehoord
in muffe rommelkasten.

Geritsel en gesmak:
hij zet zijn leesbril op,
verknaagt een krantenkop
en kauwt de snippers fijn.

Hij bouwt op zijn gemak
een nest van paperassen.

En soms hoor je hem gapen.
Dit beest wil weinig licht,
hij zet zijn leesbril af
voor lange winterslapen.

Dus doe hem een plezier
en laat die dozen dicht.

Als niks zijn rust verstoort
dan legt hij heel misschien
een maf gefrommeld ei
en komt er weer een Stapelgekko bij.

© Judy Elfferich