De liefde is niet alles

Alles voor de liefde (fotograaf onbekend)
De liefde is niet alles: spijs noch drank,
geen slaap, geen afdak tegen lelijk weer;
en voor wie kopje-onder gaat geen plank
wanneer hij op en neer klotst, keer op keer.

De liefde blaast geen dichte long vol lucht,
zet geen gebroken bot, noch zuivert bloed;
maar o zo vaak wordt in de dood gevlucht
alleen omdat men liefde missen moet.

Het kan heel goed dat ik in tijd van nood
– een helse pijn die medicijn niet blust
of reddeloze armoe en verdriet –

jouw liefde ooit verruilen zou voor rust,
de heugenis aan deze nacht voor brood.
Het kan heel goed. Maar nee, ik denk van niet.

Edna St. Vincent Millay (1892-1950) | © vertaling: Judy Elfferich

Inzending Nederland Vertaalt 2016, niet genomineerd. De genomineerde vertalingen E-N: klik.
Ster en doemster, mijn inzending D-N, werd wel genomineerd: klik.

.

Het oorspronkelijke gedicht:
.

LOVE IS NOT ALL

Love is not all: it is not meat nor drink
Nor slumber nor a roof against the rain;
Nor yet a floating spar to men that sink
And rise and sink and rise and sink again;

Love can not fill the thickened lung with breath,
Nor clean the blood, nor set the fractured bone;
Yet many a man is making friends with death
Even as I speak, for lack of love alone.

It well may be that in a difficult hour,
Pinned down by pain and moaning for release,
Or nagged by want past resolution’s power,

I might be driven to sell your love for peace,
Or trade the memory of this night for food.
It well may be. I do not think I would.

KLAAR! zei het schaap Veronica

.
KLAAR! zei het schaap Veronica. Dit vers noem ik: Ballonnen.
Van alles in mijn versjesschrift is dit het allermooist!
Nee maar! zeiden de dames Groen. Hoe kríjgt u het verzonnen?
Wat bent u toch gevoelig en begaafd en zoetgevooisd…

De dominee sprak: Mij kunt u vooreerst niet overtuigen
dat er in u daadwerkelijk Iets Zingt, Veronica.
Aan mijn sonnetten zou een Perk een puntje kunnen zuigen;
u rijmelt maar wat aan van hopsa falderaldera.

Bij volle maan bekruipt mij vaak de Drang tot declameren –
Ja gats! riepen de dames Groen. Die herrie op ’t balkon!
U dacht de coniferen ’s nachts daarmee te amuseren?
Die zijn ook aan wat rust toe, na een zomerdag vol zon!

Eilacie! kloeg de dominee. Wie schat mijn werk op waarde?
Als Onbegrepen Dichter word ik door het volk gehoond…
De Ware Kunst valt immer in ondankbaar dorre aarde
en menig poëtaster wordt met klatergoud beloond.

Wèh, snikte ’t schaap Veronica. Ik ga mijn schrift verscheuren,
ik maak er duizend snippers van en spoel ze door de plee!
Maar dat lieten de dames Groen natuurlijk niet gebeuren.
Ze snibden: Hebt u nou uw zin, meneer de dominee?

Voor een beginner dicht u toch wel aardig, gaf hij toe.
Wat dacht u van een sorbet, bij salon De Bonte Koe?

© Judy Elfferich

.
cover KortVerhaal, zomer 2012

 

 

Dit vers staat in het Zomernummer
van KortVerhaal.
 

 

 

Meer schaap-Veronica-verzen