De Hebbedinges

Vlinderdingen, collectie Deventer Musea - animatie: JudyElf, CC by-sa

De Hebbedinges zocht iets
voor zijn verzameling.
We hielden een vergadering
en iedereen die kocht iets:

een vingerling, een rammelkast,
een tierlantijn, een rarekiek,
een janplezier, een beddenkwast,
een filippien, een wentelwiek.

Hij pakte alles uit en zei:
‘Er is heus heel veel aardigs bij
maar ik zoek toch een ander ding
voor mijn verzameling.’

We waren even sprakeloos.
Toen riepen we: ‘Wat wil je dán?
Een manebril, een mallejan,
een alikruik, een kraakdoos?’

‘Nee’, zei de Hebbedinges bits.
‘Maar zie je ooit een greintje,
een zier, een snars of sikkepit,
geef mij dan gauw een seintje.’

© Judy Elfferich

De Wollefop

De Wollefop wist niet zo goed
wat hij van zichzelf moest maken.

Is dus zomaar wat gaan haken, babyblauw
breide hij er beetjes bij, knoopte eindjes aan elkaar,
punnikte een flinke staart.

Maar soms liet hij steken vallen, raadselblauw
raakte er een draadje los, of er kwam een mot voorbij
die een hap nam uit z’n vacht.

En een keer werd hij gewassen, zeeziekblauw
in het veel te hete sop… Toen wist hij het echt niet meer,
voelde zich een prullig vod.

Hingen ze hem kletsnat op, bibberblauw
met een knijper aan z’n oor. Is hij van de lijn gewaaid,
vloog over de hoogste daken

tot hij neerkwam voor mijn deur, wazigblauw
lag hij zielig in de prut. Dus maar zacht voor hem gezongen,
hem voorzichtig uitgewrongen.

Kijk, hij krijgt alweer wat kleur, knipoogblauw
glimt z’n opgelapte snuit. Alle rafels vastgenaaid,
vale plekken weggeaaid.

Vraagt vergeet-me-nietjes-blauw: ‘Blijven slapen?’
Eindelijk weet hij wat hij wou,
de Wollefop.

© Judy Elfferich

.
DICHTER. 7, ‘Blauw’

 

Dit gedicht staat in DICHTER. 7, ‘Blauw’.

 

 

De Warbels

(The Jumblies)

The Jumblies, getekend door Edward Lear zelf

I
Ze gingen naar zee in een zeef, jawel,
in een zeef al naar de zee.
Hun vrienden vonden ’t ondoordacht
maar bij winters weer en bij windkracht acht
gingen zij in een zeef naar zee!
En toen de zeef aan ’t tollen sloeg
en iedereen riep: ‘Nu is ’t genoeg!’
riepen zij: ‘Goed, groot is hij niet,
maar dat maakt ons geen sikkepit uit, geen biet!
In een zeef gaan wij naar zee!’
    Wie weet waar, wie weet waar
    toch het volk van de Warbels leeft?
    Hun handen zijn blauw, groen is hun haar
    en ze gingen naar zee in een zeef.

II
Ze zeilden weg in een zeef, jawel,
in een zeef, heel enthousiast.
Door stormwinden voortgejaagd, mijl na mijl,
met enkel een grasgroene sjaal als zeil
en een pijp bij wijze van mast.
En iedereen zei, die hen zag gaan:
‘O hemeltjelief, ze gaan eraan!
Want de reis is lang en pikzwart is het zwerk,
zo’n zeefvaart is echt onbegonnen werk:
o hou je hart toch vast!’
    Wie weet waar, wie weet waar
    toch het volk van de Warbels leeft?
    Hun handen zijn blauw, groen is hun haar
    en ze gingen naar zee in een zeef.

III
Het water liep gauw erin, jawel,
het water liep gauw erin.
Dus ze vouwden roze vloeipapier
om hun voeten, keurig en zonder kier,
en dat speldden ze vast aan hun kin.
En ze sliepen ’s nachts in een pot van steen,
‘Wat slim hè?’ zeiden ze een voor een.
‘Hoe lang ook de reis en hoe zwart het zwerk,
dat de zeefvaart slecht afloopt dat lijkt ons sterk…

Lees verder

Edward Lear (1812-1888) | © vertaling: Judy Elfferich

✒ Overal een antwoord op

Banaan - foto: Jason Gulledge @ Flickr, CC by

Schrijfidee: Zet je tanden in een vreemde vraag

Geen fijnere schrijfimpuls dan een rare vraag.
En zo’n vraag hoef je niet eens zelf te verzinnen! Deze tien vond ik op het internet: *

– Dromen slakken ook?
– Kun je pingpongen op de maan?
– Waar blijven gedachten?
– Wat gebeurt er als het op aarde plotseling helemaal stopt met waaien?
– Plassen vissen?
– Hoe weet een pijnstiller waar je pijn hebt?
– Oudejaarsvuurwerk moet kwade geesten verdrijven. Maar goede geesten dan: zijn die knalvast?
– Weten bomen waar andere bomen staan? Hoe komt het dat ze elkaar niet raken of verdrukken?
– Tot hoever kun je tellen?
– Hadden mensen vroeger een staart?

*) Op goeievraag.nl en op de website van de Nationale Wetenschapsquiz.

✒︎

Kies één vraag uit – liefst eentje waarbij je niet wordt gehinderd door enige kennis van zaken – en noteer:

– een voor de hand liggend antwoord,
– een vergezocht antwoord,
– een oliedom antwoord,
– een superslim antwoord,
– een vreselijk vaag antwoord,
– een uitermate exact antwoord.

✒︎

Bedenk bij enkele of alle antwoorden verschillende (goede, slechte, enz.) argumenten.

✒︎

Wat wordt het?
Een gedicht, met de uitgangsvraag als titel?
Een liedtekst, met een vragend refrein en antwoordende coupletten (of andersom)?
Of nog iets anders?

Ik ben benieuwd!

Nieuwsbriefmeisje
Af en toe een schrijfidee in je mailbox?
Meld je aan voor mijn tips & nieuwtjes.

Deel dit schrijfidee gerust met anderen, maar vermeld dan wel mijn naam.
Licentie: CC by-nc-sa. Commercieel gebruik is niet toegestaan.