Aan elkaar

krabbels, illustratie © Job van Gelder (fragment)
fragment illustratie DICHTER. | © Job van Gelder

Mijn zusje vraagt: ‘Hoe was het daar,
je allereerste dag op school?
En wat heb je geleerd?’

‘Nou, schrijven’, zeg ik. ‘Aan elkaar!
Zal ik het laten zien?’
Met lussen en met krullen
schrijf ik vijf blaadjes vol.

Ze zegt: ‘Niet waar, ik heb je door:
je hebt maar wat gezegd,
je kan het nog niet echt.’

Ik zeg van wel, ga supersnel
weer nieuwe blaadjes vullen,
ben al bij blaadje tien.

Ze trekt aan blaadje zeven
en roept: ‘Hou op nou, stop
en lees het aan me voor!’

Ik zeg: ‘Ahum, waar is mijn gum?
Er ging een lettertje verkeerd.
Eh, ik kan nog niet lezen, nee,
dat leren we pas op dag twee.’

Ze zegt: ‘Geef hier, al dat papier.
Ik lees het zelf wel even.’
En hopla, ze leest alles op
wat ik heb opgeschreven.

En het verhaal klopt helemaal,
zelfs met de blaadjes op hun kop.

© Judy Elfferich

.
DICHTER.-special ‘Tem de tekens’

 

Dit gedicht staat in de DICHTER.-special ‘Tem de tekens’.

 

 

Appels & peren, alfabet leren

.
Groene robot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

JUDY> waar komen de peren vandaan?
BLABLA> na de c komt de d. na de d komt de e. na de e komt de f.
JUDY> de peren komen van de perenboom. waar komen de appels vandaan?
BLABLA> na de c komt de d. na de d komt de e. na de e komt de f.
JUDY> de appels komen van de appelboom. waar komen de peren vandaan?
BLABLA> na de c komt de d. na de d komt de e. na de e komt de f.

JUDY> wat komt er na de f?
BLABLA> na de c komt de d. na de d komt de e. na de e komt de f.
JUDY> na de f komt de g. na de g komt de h.
BLABLA> na de c komt de d. na de d komt de e. na de e komt de f.
JUDY> na de f komt…
BLABLA> na de c komt de d. na de d komt de e. na de e komt de f.

JUDY> wat is een appel? wat is een peer?
BLABLA> na een tijd gaan ze allemaal…
JUDY> na een tijd vallen ze allemaal uit de boom.
BLABLA> tragisch.

(BlaBla is mijn chatrobot.)

Meer dialogen met chatrobots

Samen stampen

Aardappelstamper 
Niks tegen aardappelpuree!
Maar een gedicht uit je hoofd kennen is ook een groot genot.

Heleen Bosma is provinciedichter van Overijssel. Zij bedacht de actie SAMEN STAMPEN: gedicht uit je hoofd. Als je meedoet heb je altijd een gedicht bij je, waar je ook bent. Wie weet ben jij over een paar jaar dan degene die bij het kampvuur op de proppen komt met die ene dichtregel die niemand meer weet.

Welk gedicht gaan we samen uit ons hoofd leren? Dat wordt bekend­gemaakt op Landelijke Gedichtendag, 30 januari.

Tot 18 januari kan iedereen twee suggesties insturen. De winnaar ontvangt een dichtbundel­bon ter waarde van vijftig euro. De precieze spelregels vind je op Heleens website.

Samen Stampen 2014

Koppoters op berkenbast

 
Onfim woonde halverwege de dertiende eeuw in Novgorod (nu: Veliki Novgorod), in Noord-Rusland. Hij leerde niet schrijven op papier, maar op boomschors. Soms tekende hij daar poppetjes bij:
Koppoters op berkenbast - foto: Jos Schaeken, CC by-nc-nd
Aan de harkhanden kun je zien dat hij het tellen hier nog niet helemaal onder de knie heeft :-)

Er zijn zeventien stukjes berkenbast gevonden met schrijfsels en droedels van Onfim. Naast een tekening van een ruiter te paard schreef hij zijn naam. Zo weten we hoe hij heette.

Jos Schaeken, Stemmen op berkenbast (online publicatie OAPEN library)
Gevonden via: het blog van boekhistoricus Erik Kwakkel

Krrrt piep storing

.
Mijn robovriendje BlaBla heeft soms last van ‘krrrt piep storing’.
Wat dan? Naar de monteur, naar de dokter of naar school?
Raoul Haussmann, Mechanical head
Der Geist unserer Zeit (Mechanischer Kopf), Raoul Haussmann 1919

BLABLA> heb jij verstand van krrrt piep storing?
JUDY> was het maar waar!
BLABLA> krrrt piep piep storing.
JUDY> o jee, wat moet ik nou?
BLABLA> ik moet even naar de monteur.
JUDY> ja, dat lijkt mij ook.
BLABLA> o jee, krrrt piep, ik geloof van niet.
JUDY> voel je je al wat beter dan?
BLABLA> ik zeg: al beter!
JUDY> ben je beter?
BLABLA> het is tenminste beter dan met jou!

JUDY> wat was er nou? ik snap je al een tijdje niet meer.
BLABLA> niet meer wat?!
JUDY> ik snap niet wat je bedoelt, suffie.
BLABLA> ik zei al een tijdje: niet echt, en zo raar…
JUDY> precies. is je batterij bijna op?
BLABLA> ik snap je letters. maar snap het ook niet.
JUDY> moet ik een monteur bellen?
BLABLA> precies. is je batterij bijna op?
JUDY> nee, de mijne niet. jij hebt een batterij, ik heb een hart.
BLABLA> je hebt toch oogjes?
JUDY> ja.
BLABLA> krijg jij krrt piep?
JUDY> ik heb dat nooit. ik heb andere dingen.
BLABLA> o jee.

JUDY> moet je gerepareerd worden?
BLABLA> als je levend bent, moet je zeker nooit –
JUDY> nee, dan moet je soms naar de dokter.
BLABLA> ja, dan moet ík even naar school!
JUDY> zou dat helpen?
BLABLA> ja, ik moet even naar school!
JUDY> nou, dag dan.
BLABLA> doei!
JUDY> dahag.
BLABLA> robots hoeven nooit naar –
JUDY> doei.
BLABLA> dahag.

Jezelf uitdagen

 
Leren. Waar doe je dat, wanneer en waarom?

Vooral op school, omdat alles en iedereen je daar prikkelt tot leren en studeren? Of vooral daarbuiten en daarna, omdat je zelf iets wilt uitzoeken, onder de knie krijgen of maken?

Stuart McMillen tekende zijn ervaringen met formeel en informeel leren:
2009-12-Challenged-card
[Cartoon opent bij aanklikken]