Naar Groenland

Erik de Rode

Thorvalds zoon Erik
was vurig van aard:
als iets hem niet zinde
greep hij z’n zwaard.

Felrood zijn haardos
en felrood het bloed
als hij weer geknokt had.
Dat ging niet goed…

Overal raakte
die vechtjas berucht;
op IJsland verstoten
nam hij de vlucht.

Iemand vertelde
van land overzee
dus Erik zei: ‘Makkers,
wie gaat er mee?’

Helblauw de hemel
en helgeel de zon
toen Erik de Rode
zijn reis begon.

Wijd was het water,
tjokvol was de boot
en kapitein Erik
zijn baard was rood.

Roeien maar, roeien
op karig rantsoen,
verlangend naar heuvels
begroeid met groen.

‘Onder de bomen
daar rusten we uit;
we dansen, we vinden
een mooie bruid!’

Stokvis op, brood op,
weg scheepsproviand.
De horizon zonder
een streepje land.

Half buiten westen
en flink onderkoeld,
zo zijn ze ten slotte
aan wal gespoeld.

Nergens was maanlicht
en zwart was de nacht
toen Erik de Rode
zijn tocht volbracht.

Dus bij zonsopgang
ontdekte hij pas:
hier groeide geen struik en
geen sprietje gras.

Wit blonk het eiland
vol sneeuw en vol ijs
waar Erik terechtkwam
na heel die reis…

‘Toch noem ik het Groenland!’
zei hij eigenwijs.

© Judy Elfferich

Duizend jaar oud stripverhaal nu als tekenfilm

.
Ik denk dat ik elf was toen ik het Tapijt van Bayeux in het echt zag: een geborduurd strip­verhaal, door­lopend (geen aparte plaatjes, de scènes vloeien in elkaar over), zeventig meter lang.

Het is een beeldverslag van de Slag bij Hastings (1066) en wat daar allemaal bij kwam kijken. Met als ijzer­sterke intro het verschijnen van de komeet van Halley, ten teken dat er iets bijzonders staat te gebeuren. In de boven- en onderrand allerlei kant­tekeningen waarvan de boodschap voor ons (net als bij het werk van Jeroen Bosch, van vierhonderd jaar later) raadsel­achtig is.

David Newton maakte er een animatie van, Marc Sylvan verzorgde de muziek en geluids­effecten.

Over het Tapijt van Bayeux: klik, klik.
Over de Slag bij Hastings: klik.

Ferguut als prentenboek

Illustratie Ferguut - © John Rabou, all rights reservedIllustratie Ferguut - © John Rabou, all rights reserved
Ben je weleens in het Land van Ooit (✝ 2007) geweest? Dan ken je de tekenstijl van John Rabou. Als Opperhoftekenmeester portretteerde hij daar Ridder Graniet, Sap de Aardwortel, Rak de Reiger, de Luie Lakei en alle Ooitse zwanen.

Tegenwoordig werkt John aan een nog grootser project: hij illustreert de Ferguut, een dertiende-eeuwse ridderroman uit de Arthurcyclus. Daar is maar één Nederlandstalig handschrift van bewaard gebleven.

De belevenissen van Ferguut lijken wel wat op die van Parcival. Een wereldvreemde boerenzoon schopt het tot ridder aan Arthurs hof. Maar in plaats van de heilige Graal is het doel van Ferguuts queeste: Galiëne, de schoonste aller vrouwen. (Ook de Oudfranse Fergus, waarop de Ferguut is gebaseerd, parodieert al Chrétien de Troyes’ Perceval ou le conte du Graal.)

Het levendig en sappig vertelde verhaal zit vol sprookjesachtige elementen. Helaas bevat het handschrift (behalve versierde initialen en één miniatuur, in de allereerste beginletter D) geen illustraties. John besloot: dan maak ik die maar zelf.

Na vele jaren research en tekenen is hij een eind op streek. Binnenkort komt de Ferguut (hertaald voor kinderpubliek door Ingrid Biesheuvel) uit als prentenboek.
Je kunt voorproefjes bekijken, en alvast een exemplaar bestellen, op het weblog Ferguut geïllustreerd.

Over Ferguut:
Wikipedia
literatuurgeschiedenis.nl
Nederlandse Volksverhalenbank

Koppoters op berkenbast

 
Onfim woonde halverwege de dertiende eeuw in Novgorod (nu: Veliki Novgorod), in Noord-Rusland. Hij leerde niet schrijven op papier, maar op boomschors. Soms tekende hij daar poppetjes bij:
Koppoters op berkenbast - foto: Jos Schaeken, CC by-nc-nd
Aan de harkhanden kun je zien dat hij het tellen hier nog niet helemaal onder de knie heeft :-)

Er zijn zeventien stukjes berkenbast gevonden met schrijfsels en droedels van Onfim. Naast een tekening van een ruiter te paard schreef hij zijn naam. Zo weten we hoe hij heette.

Jos Schaeken, Stemmen op berkenbast (online publicatie OAPEN library)
Gevonden via: het blog van boekhistoricus Erik Kwakkel

Daar komt de draak

.
Het mes van de perkamentmaker schoot uit, zo ontstond er een gaatje.
Door dat gaatje zie je een glimp van de draak op het volgende blad.

Kwam dat toevallig zo uit?
Of heeft de schrijver het gaatje slim uitgebuit?

Draak, sneak preview
Manuscript (9e eeuw, Oost-Frankrijk), Universitätsbibliothek Bamberg

.
Via: het blog van boekhistoricus Erik Kwakkel