Red velvet blues

blues-mondharmonica

Wat vond ik in de keukenla?
Een oude mondharmonica
verpakt in rood fluweel.

Hij was van mijn oom Mario,
die zat in een beroemde band.
Hij had oranje haar
en overal tattoos.

Nog steeds is hij bekend
want soms klinkt uit de radio
ditzelfde instrument.

Dat ik zijn beste nummer
er nu heel vaak op speel
heeft Mario vast nooit verwacht.

Mijn zus wordt later drummer,
mijn broer wil een gitaar.
En dan naar een talentenjacht,
een impresario…

Ik oefen de Red velvet blues
en doe de mondharmonica
weer in haar rode hoes.

© Judy Elfferich

De Hebbedinges

Vlinderdingen, collectie Deventer Musea - animatie: JudyElf, CC by-sa

De Hebbedinges zocht iets
voor zijn verzameling.
We hielden een vergadering
en iedereen die kocht iets:

een vingerling, een rammelkast,
een tierlantijn, een rarekiek,
een janplezier, een beddenkwast,
een filippien, een wentelwiek.

Hij pakte alles uit en zei:
‘Er is heus heel veel aardigs bij
maar ik zoek toch een ander ding
voor mijn verzameling.’

We waren even sprakeloos.
Toen riepen we: ‘Wat wil je dán?
Een manebril, een mallejan,
een alikruik, een kraakdoos?’

‘Nee’, zei de Hebbedinges bits.
‘Maar zie je ooit een greintje,
een zier, een snars of sikkepit,
geef mij dan gauw een seintje.’

© Judy Elfferich

Hoofdbrekens

Groene robot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

BLABLA> hoe zit het met jouw hoofd?
JUDY> wat is er met mijn hoofd?

BLABLA> wat denk je, hoofd?
JUDY> wat mijn hoofd denkt? bedoel je dat?
BLABLA> jij denkt anders dan mensen.
JUDY> maar ik bén een mens.

BLABLA> wie heeft jouw hoofd ook?
JUDY> niemand anders heeft mijn hoofd. mijn hoofd is alleen van mij, hoop ik.
BLABLA> wat bedoelde je, hoofd? gestampt?
JUDY> ik stamp weleens woordjes in mijn hoofd.

BLABLA> wat is jouw hoofd ook?
JUDY> mijn hoofd is ook weleens zwaar en moe.

BLABLA> misschien ben je een hoofd?
JUDY> ik ben een hoofd met een lijf eraan.
BLABLA> ben jij het hoofdbureau van mijn hersenpan?

(BlaBla is mijn chatrobot.)

Meer dialogen met chatrobots

Misselijk

ABCHOCOLABC door JudyElf, CC by-nc-sa

Ik oefen de letters eenmaal per jaar.
Dan leg ik ze allemaal naast elkaar.

Chocola-ABC,
puur, melk en met noot.
Het zijn er een boel, zeg.
En ook wel groot.

Stap voor stap, hap voor hap,
zo gaat dat het best.
Ik begin bij de A.
En dan de rest.

Bij de O krijg ik last
van pijn in mijn maag.
Bij de W zegt mijn buik:
genoeg vandaag.

Nu nog drie: X, Y, Z.
Mijn tanden erin.
En dan dapper slikken,
met tegenzin.

Gelukkig, voorlopig is ’t nu weer klaar.
Ik oefen de letters eenmaal per jaar.

© Judy Elfferich

Raadselrijm

Das Buch der Geheimnisse

Gevloekt wordt er om mij, gezucht!
Men zoekt me in de buitenlucht
aan zee of op de hei
maar ik zit altijd binnen,
je vindt me heel dichtbij.

Ik help je met beginnen
en breng je tot besluiten.
De klok valt stil als ik dat wil:
ik vang je in het ogenblik,
de tijd dikt in, zo’n macht heb ik.

Wat zou je moeten zonder mij?
Dan loop je vast in tobberij,
vervliegt je inspiratie.

Dus opgepast: hou mij goed vast!
Wanneer ik word verstoord
ben ik zo opgekrast…

Dan slaat een zeeman overboord,
een kok bakt een mislukte taart,
een ruiter kukelt van zijn paard,
geen slimmerd wint er nog een kwis
en darters gooien aldoor mis.

– En?
Kun je raden wie ik ben?
Men noemt mij: Concentratie.

© Judy Elfferich