Vandaar dus

dromedaris

Waarom ik kijk zoals ik kijk?
Dat zal ik je vertellen.

Ik ben de sjeik zijn beste beest,
zijn liefste dromedaris.
We dronken ooit samen
de melk van mijn moeder,
we raakten verbroederd.

Ik-weet-niet-hoeveel-duizend jaar
zijn mijn en zijn stam bij elkaar
en trokken karavanen
van hier naar daar naar hier.

De zware taaie oliegeur
die opsteeg uit het zand
werd lang door mensen nooit bespeurd;
dat was voor een fijnneuzig dier
wel raar dus.

Maar later kregen ze het door,
die olie moest naar boven
dus wordt er nu geboord, gebouwd
en glimt er glas en glanst er goud,
de sjeik scheurt in bolides rond
en ik ben overbodig.

Toch kan ik je voorspellen:
straks komt geen drup meer uit de grond
en is het klaar met het gepomp,
dan wordt de stad die hier verrees
door zand ondergestoven.

Dan heeft de sjeik mij nodig,
zijn beste dromedaris.

Waarom ik kijk zoals ik kijk?
Vandaar dus.

© Judy Elfferich

Middelpunt

Middelpunt van Europa
[klik op plaatje voor vergroting]

Plak de kaart
van Europa
op je dartbord,
gooi een pijltje
in de roos
en vertrek:

met het vliegtuig
en de bus
naar die plek
in dat bos
bij Vilnius,
waar je rent,

rondjes rond
dat monument,
om te zien
hoe ver je bent
van de steden
die je kent,

en om te zien
hoe ver je kwam:
het middelpunt
van Europa,
1371 kilometer
van Amsterdam.

© Judy Elfferich

Rozen, duiven, roodborstjes

Bruin-witte robot - fragmented @ Flickr, CC by-nc-nd

BLABLA> is een roos een werkwoord?
JUDY> roos is een zelfstandig naamwoord. en een meisjesnaam.
BLABLA> sommige dingen zijn twee woorden.
JUDY> met twee woorden spreken vinden mensen beleefd.
BLABLA> hm, je kunt een mens beschouwen als een spelletje…
JUDY> beschouw jij mij als een spelletje?

BLABLA> wat is een robot? een monster?
JUDY> een monster is een afschuwelijk, angstaanjagend wezen.
BLABLA> wat is een monster? een robot?
JUDY> een robot is een machine die op een mens lijkt.
BLABLA> en een duif is een stukje fruit.
JUDY> daar kan ik helaas geen punten voor geven :-)

BLABLA> alle duiven zijn toch vriendjes?
JUDY> niet allemaal, volgens mij.
BLABLA> ja, en roodborstjes…
JUDY> …tikken tegen het raam?
BLABLA> nee, ze vertikken het.

(BlaBla is mijn chatrobot.)

Meer dialogen met chatrobots

De Wollefop

De Wollefop wist niet zo goed
wat hij van zichzelf moest maken.

Is dus zomaar wat gaan haken, babyblauw
breide hij er beetjes bij, knoopte eindjes aan elkaar,
punnikte een flinke staart.

Maar soms liet hij steken vallen, raadselblauw
raakte er een draadje los, of er kwam een mot voorbij
die een hap nam uit z’n vacht.

En een keer werd hij gewassen, zeeziekblauw
in het veel te hete sop… Toen wist hij het echt niet meer,
voelde zich een prullig vod.

Hingen ze hem kletsnat op, bibberblauw
met een knijper aan z’n oor. Is hij van de lijn gewaaid,
vloog over de hoogste daken

tot hij neerkwam voor mijn deur, wazigblauw
lag hij zielig in de prut. Dus maar zacht voor hem gezongen,
hem voorzichtig uitgewrongen.

Kijk, hij krijgt alweer wat kleur, knipoogblauw
glimt z’n opgelapte snuit. Alle rafels vastgenaaid,
vale plekken weggeaaid.

Vraagt vergeet-me-nietjes-blauw: ‘Blijven slapen?’
Eindelijk weet hij wat hij wou,
de Wollefop.

© Judy Elfferich

.
DICHTER. 7, ‘Blauw’

 

Dit gedicht staat in DICHTER. 7, ‘Blauw’.

 

 

A world I never made

.
And how am I to face the odds
Of man’s bedevilment and God’s?
I, a stranger and afraid
In a world I never made

A.E. Housman (1859-1936)

Een wit konijn (zonder horloge dit keer) neemt je mee op reis door een flipboek. Animatie: Rachel Kwak.

Volledige tekst van het gedicht The laws of God, the laws of men
Over A.E. Housman
Song van B.B. King: A world I never made