Ster en doemster

Ster en doemster
Een ster hoog aan de hemelboog
houdt scherp mijn doemster in het oog.

Mijn doemster is zo’n stuntelaar,
zo’n oen, die maakt totaal niks klaar.

Mij kwaaddoen, dat is het idee;
maar hij heeft steeds zichzelf ermee.

Hij glanst zo dof en lonkt zo dom,
net meegelokt keer ik al om.

Dwaas raast hij verder, desastreus:
nu stoot niet ik, maar hij zijn neus.

Zijn doemscenario doorkruist,
vertedert al zijn pech mij juist.

Verdomd, hij staat me bijna aan –
als niet die ster daarginds zou staan.

Die straalt zo kalm en onverflauwd
dat het me soms weleens benauwt.

Dan sla ik aan het dubben van:
als dát mijn doemster was, wat dan?

Robert Gernhardt (1937-2006) | © vertaling: Judy Elfferich
.

Nominatie Nederland Vertaalt 2016.
☆  Dit is een verbeterde versie (regel 12 aangepast).
Alle genomineerde vertalingen D-N: klik.
.

Het oorspronkelijke gedicht:
.

STERN UND UNSTERN

Ein ferner Stern im Blau der Nacht
hält über meinem Unstern Wacht.

Mein Unstern ist so ungeschickt
und machtlos, dass ihm gar nichts glückt.

Er sollte mir zwar Unstern sein,
fällt aber dauernd selber rein.

Er blinkt so plump und winkt so dumm,
kaum lockt er mich, schon kehr ́ ich um.

Er aber prallt voll Unverstand
auf die mir zugedachte Wand.

Statt dass er mich ins Unheil führt,
bin ich es, den sein Unglück rührt.

Fast hätt ́ ich meinen Unstern gern,
wär ́ da nicht jener ferne Stern.

Der strahlt so hell und unbeirrt,
dass mir zuweilen bange wird

und ich mich frage: Was, wenn der
und gar nicht er mein Unstern wär?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *